header image
Start pagina arrow Honden informatief arrow Informatief - Teckels of Dashonden
Informatief - Teckels of Dashonden Print E-mail
Wednesday, 25 January 2006

Teckel: Een kerel in zakformaat.
Land van herkomst: Duitsland.
Oorspronkelijke taak: jagen op de das.
Huidige taak: Sport en gezelschapshond.
Gemiddelde levensverwachting: 13 Jaar.
Gewicht: Reu maximaal 9 kilo (standaard dashond).
F.C.I. Classificatie: groep 4.

Teckels: Langhaar, Gladhaar en ruwhaarDashonden of Teckels: Deze groep bestaat geheel uit de dashond. Dit is zijn internationale naam. In het Nederlands wordt hij meestal Teckel genoemd. De hond kent drie formaten: de standaard, de dwerg en de kaninschen. Elke formaat komt voor in drie vachtvariëteiten, namelijk korthaar, langhaar en ruwhaar. De ruwhaar ontstond door inkruisen van de ruwharige Duitse Pincher en de Schnauzer. Voor de langhaar gebruikte men de Setter en de Cocker Spaniel. Op deze manier ontstonden negen rassen. Welke Dashond tot welk formaat hoort wordt bepaald door de borstomvang.

  • De grootste is de Standaard teckel, die een borstomvang heeft vanaf 35 cm. tot een niet nader vastgelegde maat.
  • Het middelste type is de Dwergteckel, die een borstomvang heeft van 30 tot 35 cm.
  • Het kleinste type de Kaninchenteckel, heeft een borstomvang heeft tot 30 cm.

Het is lastig om algemene eigenschappen aan te geven want er zijn grote verschillen. Dit heeft te maken met de oorspronkelijke foklijnen (werk versus show) en met de invloed van de eigenaar: krijgt de hond veel uitdaging aangeboden of niet. In het algemeen zijn de eigenschappen:

  • Moedig en vasthoudend tot angstig.
  • Blaffen.
  • Vrolijk en aanhankelijk.
  • Rustig tot werklustig.
  • Weinig tot groot uithoudingsvermogen.
  • Zelfstandig.
  • Sociaal tot asociaal naar soortgenoten.
  • Snelle leerling.
  • Dominant tot zeer onderdanig.
  • Wil graag samenleven met de mens, maar alleen samenwerken als hem dat voldoening geeft.

Uit onderzoek:

Langhaar TeckelGeschiedenis, oorspronkelijke en huidige taak: De korte pootjes van de Dashond zijn ontstaan door een mutatie. De Dashond is gefokt voor de jacht onder de grond. Elk formaat was bedoeld voor een specifiek soort wild. De standaard Dashond joeg op de das en de vos. De dwerg werd ingezet bij de bunzing en de wezel jacht en de kaninchen voor de konijnen. De honden werden en worden gewaardeerd vanwege hun vasthoudendheid en het ‘luid hals geven’ tijdens de jacht. Dit betekent dat ze continue blaffend het wild achtervolgen. In Duitsland, waar het ras vandaan komt, wordt de hond nog steeds gebruikt voor zijn oorspronkelijke werk. In Nederland en België zijn de meeste honden nu gezelschapshond. Enkelen zijn nog actief in de jacht of in de behendigheidssport.

Temperament: Het merendeel van de teckels heeft een groot doorzettingsvermogen, is zelfstandig, vrolijk en actief. Een kleine groep vertoont ongewenst gedrag. Het gaat dan om grommen en/of bijten. Vooral angstige en felle teckels hebben deze neiging. Het lijkt er op dat bij de kaninchen meer angstige exemplaren voorkomen. Felheid komt bij alle soorten dashonden voor. Onder de ruwharige teckels treffen we de meeste felle honden aan. Dit zijn ook de meest harde honden, dankzij de Schnauzer-voorvader. Nervositeit komt meer voor bij de dwergteckel, vooral bij de langhaar. Door de invloed van de Spaniel is de langhaar ook gevoeliger en zachter dan de andere twee. In huis zijn de meeste teckels rustig. De meerderheid ligt ergens, al dan niet om de boel in de gaten te houden. Vooral de korthaar heeft de neiging om de eigenaar door het huis te volgen. Een enkele langhaar houdt zijn omgeving in de gaten. 83% van de eigenaren van de langhaar geeft aan dat hun hond ergens bang voor is. Voor de korthaar en de ruwhaar zijn deze percentages 67% en 54%. Vaak betreft het angst voor grote honden of voor harde geluiden.

Teckel ruwhaarGedrag naar volwassenen: Een goed opgevoede teckel is een vriendelijke, vrolijke hond. Hij is aanhankelijk en zoekt vaak oogcontact met zijn eigenaar. Dit laatste – en nog veel meer trucjes – zet hij in om zijn zin te krijgen. Binnenshuis genieten de meeste teckels erg van aandacht en knuffelen. Ze vinden het vaak heerlijk om opgekruld naast de eigenaar op de bank te liggen. Vrijwel elke deelnemende teckel begroet zijn eigenaar enthousiast als deze thuis komt. Bij alle drie variëteiten komen in ons onderzoek enkele exemplaren voor die grommen naar de eigenaar. Dit kan een teken van dominantie zijn. Ten opzichte van vreemden zijn de meeste honden gereserveerd. Onbekend bezoek stellen ze niet echt op prijs. Slecht één op de drie deelnemende honden begroet een onbekende enthousiast. Bij de langhaar is dit nog minder. Wat daarom opvalt, is dat juist alle langharen enthousiast zijn als er bekenden komen. Bij de korthaar zijn dit twee op de drie honden. De ruwhaar zit hier tussenin. Van de teckels die aan ons onderzoek deelnamen, heeft een kwart wel eens iemand gebeten. Op de stelling ‘Mijn hond is altijd vriendelijk naar mensen’ antwoord 67% van de eigenaren van de korthaar en de langhaar bevestigend. Bij de ruwhaar geven alle eigenaren een positief antwoord.

Gedrag naar kinderen: Teckels zijn meestal geen echte kindervrienden. Behalve als ze van jongs af aan met hen opgroeien. Ze kunnen zich dan enthousiast opstellen naar bekende en onbekende kinderen. Wordt de hond pas op latere leeftijd geconfronteerd met kinderen, dan zal het contact moeilijk zijn. Dit geldt speciaal voor de korthaar. De ruwhaar is het meest enthousiast: 75% van de deelnemende ruwharen begroet kinderen enthousiast en ongeveer 40% begroet onbekende kinderen op deze manier. Daarna komt de langhaar: 50% begroet bekende kinderen enthousiast, 17% onbekende kinderen. Bij de korthaar reageert één op de drie honden enthousiast op onbekende en bekende kinderen op straat. Ontmoet de korthaar een bekend kind in huis, dan is 67% enthousiast. Het lijkt erop dat de standaard teckel minder vriendelijk is dan de andere twee formaten.

Gedrag naar honden: De meeste teckels stellen zich neutraal op naar soortgenoten. Er zijn erbij die nog wel eens de krachten willen meten met de andere honden, zeker als ze uitgedaagd worden. Met al hun felheid gaan ze dan de confrontatie aan. Uit ons onderzoek blijkt dat een kwart van de eigenaren een hond heeft die gromt en/of uithaalt naar andere honden, vooral als de hond aan de lijn is. Reuen van de ruwhaar scoren het hoogst op agressie naar seksegenoten. Er is geen duidelijke relatie tussen honden die angstig zijn voor grote honden en het uitvallen aan de lijn. Minder dan de helft van de teckels is enthousiast bij de ontmoeting met een soortgenoot. In huis geeft het samenleven met andere honden geen probleem. Alle korthaar teckels uit ons onderzoek leven samen met één of meerdere soortgenoten in huis. Bij de langharen is dit de helft en bij de ruwharen één op de drie.

Teckel ruwhaar dappledJachtgedrag: De dashond is een jachthond en dat uit zich nog steeds in zijn jachtpassie voor kleine knaagdieren en vogels. In een onbewaakt ogenblik zal hij proberen het hok van de fret of cavia open te krijgen. Went u hem als pup aan katten, dan kan dit goed gaan. Tenminste, in huis, want buiten gaat hij vol enthousiasme achter ze aan. De ruwhaar wordt uitermate geprikkeld door beweging. De helft van de deelnemende eigenaren geeft aan dat hun ruwhaar achter wild, vogels, kleine huisdieren en joggers en/of kinderen en voertuigen aanrent. De korthaar is een echte jager. Maar liefst 83% gaat achter wild en/of vogels en kleine huisdieren aan. Voertuigen en rennende mensen interesseren de korthaar nauwelijks. Bij de langharen gaat één op de drie achter wild en/of vogels aan. Vee is niet echt interessant, want bij alle variëteiten rent één op de drie honden ook achter deze dieren aan.

Leergedrag: De teckel staat bekend om zijn eigenwijsheid. Dat wil niet zeggen dat hij niets kan leren. Integendeel, een teckel leert graag en gemakkelijk. Dit geldt vooral voor de korthaar. Hij weet goed wat hij wil en is zeer vindingrijk in het bereiken van zijn doel. Om ervoor te zorgen dat hij toch naar de eigenaar luistert, is het belangrijk om te weten hoe hij het beste te motiveren is. Gelukkig is hij enthousiast te maken door gebruik te maken van stem, voer en spel. De langhaar vormt hierop een uitzondering. De helft van de deelnemende langharen is e motiveren met een brokje, geen enkele met een speeltje. Ruim de helft van de korthaar eigenaren geeft aan dat zijn hond de taak heel goed begrijpt. Bij de langhaar is dit de helft en bij de ruwhaar 40%. Als de korthaar de opdracht begrepen heeft, is herhaling overbodig. Dit in tegenstelling tot de ruwhaar: 72% moet de oefening regelmatig herhalen. Van de deelnemers geeft 83% aan dat ze het opvoeden van een teckel gemakkelijk vinden. Voor de ruwhaar ligt dit percentage lager op 62%.

Territoriumgedrag: Teckels, vooral de ruwhaar en de korthaar, verdedigen hun huis met verve. Hierbij laten ze luid en duidelijk hun stem horen. Meer dan de helft van de deelnemende honden blaft naar voorbijgangers en als mensen in huis komen. Dit laatste doet zelfs 77% van de ruwharen. De helft van de eigenaren vind dat hun hond snel blaft. De langhaar laat zich alleen horen als mensen in huis of op het erf komen. Een enkeling gromt dan ook naar het bezoek. 67% van de eigenaren van de korthaar vindt hun hond een echte waakhond. Bij de ruwhaar is dit nog niet de helft en bij de langhaar één op de drie.

Teckel gladhaarAlleen kunnen zijn: Als de hond het alleen zijn goed wordt aangeleerd, kan hij een aantal uren alleen blijven. Zo niet, dan uit hij zijn onvrede door spullen te vernielen, te janken of onzindelijk te worden. En gezien zijn flinke gebit in vergelijking tot zijn kleine omvang, kan een teckel forse schade aanrichten. U doet hem geen plezier door hem lang alleen te laten, want een teckel is erg gehecht aan zijn eigenaar. Het liefste gaat hij overal mee naar toe. Dit komt ook door zijn nieuwsgierige aard. Vooral een aantal kortharen uit ons onderzoek heeft moeite met alleen zijn.

Behoefte aan beweging: De teckel is nog steeds een actieve en vooral nieuwsgierige hond met een groot uithoudingsvermogen. Dit geldt met name voor de standaard en de dwerg teckel. De sterke jachtpassie beperkt het los laten lopen in het bos. Ze gaan hun neus achterna en kunnen uren wegblijven. Uit de gegevens van ons onderzoek valt op dat er geen verband bestaat tussen te kort uitlaten (minder uren per dag) en jachtgedrag. Het lijkt er zelfs op dat de honden die lang uitgelaten worden, juist het meeste jachtgedrag laten zien. De meeste teckels houden van een zwem- of ravotpartij in het water. Dit in tegenstelling tot een regenbui. Dan blijven ze liever binnen. Dit geldt vooral voor de korthaar (50% van de deelnemende honden). Alle eigenaren van de korthaar en de ruwhaar uit ons onderzoek spelen met hun teckel, waarbij de bal en zoekspelletjes populair zijn. De helft van de eigenaren van de langhaar geeft aan dat hun hond speels is. Die honden doen vooral zoekspelletjes. Een teckel blijft tot op hoge leeftijd speels als de eigenaar van begin af aan dit gedrag gestimuleerd heeft.

Opvoeding: De eigenaar van een dashond zal terdege rekening moeten houden met de eigenheid van dit ras: de jachtpassie, het blaffen om het territorium te verdedigen en de eigenzinnigheid eisen een rustige, consequente opvoeding. Een harde, lichamelijke aanpak werkt averechts. Een teckel sluit zich dan af voor verder contact. De dashond zal altijd proberen waar de grenzen liggen: geef hem een vinger en hij neemt de hele hand. Om zijn doel te bereiken, kan hij komische toeren uithalen. Op deze manier windt hij zijn eigenaar om de vinger. Een teckelpup is wat traag in zijn ontwikkeling, daarom hanteert de rasvereniging als regel dat pups pas met negen weken uit het nest mogen. Aangezien een teckel goed gesocialiseerd moet worden, vooral ook met honden, ligt hier een grote verantwoordelijkheid voor de fokker. Zodra de pup in huis komt, zal de eigenaar hem gehoorzaamheid moeten bijbrengen. Speciale aandacht is nodig voor het aanleren van aandacht voor de eigenaar en het commando ‘hierkomen’. Begint de pup te blaffen, moedig hem dan niet aan, maar leer hem dat ‘stop’ of ‘genoeg’ het commando is om te stoppen met blaffen. Een teckel is met 1.5 jaar geestelijk volwassen.

Dwerg Teckel gladhaarGezondheid en verzorging: De belangrijkste gezondheidsproblemen zijn hernia (Teckelverlamming) en epilepsie. Door zijn lage bouw is de teckel gevoelig voor koude en natheid. Een dikke hond is nooit gezond, maar een dikke teckel heeft het helemaal zwaar met zijn lange rug. Het vraagt discipline van de eigenaar om zijn hond slank te houden, want een teckel eet alles. De tijd die nodig is voor vachtverzorging is afhankelijk van de variëteit. Voor de korthaar is een wekelijkse borstelbeurt voldoende, de ruwhaar moet twee keer per jaar getrimd worden en de langhaar vraagt een dagelijkse borstelbeurt.

Verschil reu - teef: Reuen vertonen vaker probleemgedrag dan teven. Dit uit zich in agressie naar volwassenen en naar honden. Ten opzichte van kinderen is geen verschil in gedrag tussen de seksen. Reuen zijn aantoonbaar vaker nerveus en fel. Ze grommen meer dan teven. Ook de teckels die gebeten hebben, zijn voornamelijk reuen.
 
Profiel ideale eigenaar:

  • Is geduldig en uiterst consequent.
  • Verwacht geen slaafse gehoorzaamheid.
  • Waardeert de streken van zijn hond.
  • Onderneemt meer dan alleen een wandeling, doet bijvoorbeeld bal- en zoekspelletjes.

Voor wat betreft tevredenheid over hun hond zijn de percentages als volgt. 67% van de korthaar eigenaren is tevreden en 33% is zeer tevreden. Van de eigenaren van de langhaar is ook 67% tevreden en 17% zeer tevreden. Bij de ruwharen is het percentage voor tevreden en zeer tevreden hetzelfde: 46%.

 

Laatst Aangepast ( Friday, 09 June 2006 )